kom je bij 32 voor de laatste regel.
Deze aanpak voelt abstracter, maar is net zo consistent. Dat maakt 32 volgens deze redenering het juiste antwoord.
Oplossing 4: rekenen in verschillende talstelsels
Dan wordt het technisch. Een minder intuïtieve, maar wiskundig correcte benadering gebruikt verschillende grondtallen, ook wel talstelsels genoemd.
Bijvoorbeeld: 2 + 5 = 7 in het tientallig stelsel. Schrijf je 7 in het vijftallig stelsel, dan wordt dat 12. Hetzelfde gebeurt bij 3 + 6 = 9, geschreven in een viertallig stelsel levert dat 21 op.
Volg je die dalende reeks